Roest op de standvastigheid
7 november, 2009
PARBLEU! — Die ochtend keek The Dude in de badkamerspiegel en sprak: ‘Dag Dude, hoe maken wij het vandaag?’
‘Toppie!’ knipoogde The Dude in de spiegel terug, en hij stak zijn duim in de lucht. De man die zwaar getipt werd om de eerste president van Europa te worden, stond nog in z’n pyjama. Hij masseerde zijn schedeldak, richtte vervolgens zijn blik neerwaarts, op zijn blote voeten, en begon van de weeromstuit te piekeren of hij vandaag bruine dan wel grijze sokken moest aantrekken. Hij hoopte vurig dat dit de moeilijkste knoop was die hij die dag zou hoeven door te hakken.
Toen voor het eerst zijn naam viel in de kwestie van de Europese topjob, was hij de eerste geweest om aan een flauwe grap te denken. Toen de grap evenwel keer op keer werd herhaald, begon hij hem na verloop van tijd ook niet meer zo gek te vinden. Hij had verkondigd dat hij absoluut geen vragende partij was, goed wetende dat juist dat een belangrijke voorwaarde is om gevraagd te worden. Als ze werkelijk zijn arm om zouden wringen, dan zou hij natuurlijk zijn verantwoordelijkheid niet ontvluchten, had hij edelmoedig laten doorschemeren. Op die manier had hij het ook tot Belgisch premier gebracht.
Hoewel hij er zich van bewust was dat de gebeurtenissen in Europa niet door de eb en vloed van zijn ijdelheid bepaald zouden worden, was hij toch duidelijk gevleid door het feit dat een flink deel van de waarnemers hem kennelijk interessant genoeg vond om kortstondig de aandacht op zijn persoon te richten, al was het maar om snel de conclusie te trekken dat hij een kleurloze stofjas was, ogenschijnlijk volkomen bevrijd van buitengewone ambitie of dadendrang, regeringsleider van een landje dat niet wordt geregeerd. The Dude smaakte als geen ander de ironie dat uitgerekend die kwaliteiten, of juister gezegd het ontbreken ervan, zijn kansen voor het Europese presidentschap alleen maar groter maakten. Hij tuurde zichzelf diep in de ogen en nam een kloek besluit: ‘Grijze sokken zullen het zijn!’
Ontegensprekelijk leefde er tijdens zijn vele jaren in de Belgische politiek altijd al een latente kracht in hem die ervoor zorgde dat hij zich in de buurt van de macht kon handhaven zonder daarbij nodeloos veel mensen op de zenuwen te werken. Zijn hekel aan excentriciteit had hem al die tijd voor al te grote dwaasheden behoed, wat niet evident is in een omgeving waar ze veeleer als regel dan als uitzondering worden beschouwd. Niemand had evenwel ooit durven te voorspellen dat zijn voorkeur voor rustige vastheid – het Wetstraat-equivalent van achterover leunen in een gerieflijke stoel en verder de gebeurtenissen afwachten – hem geschikt zou maken om de bedding van de Europese geschiedenis te verleggen. Correctie: The Dude zou er juist voor zorgen dat die bedding mooi bleef liggen waar ze lag. Ook dat scheen men in een meerderheid van zo’n 27 landen geen al te kwaad vooruitzicht te vinden.
Nu was The Dude er de man niet naar om het vel van de beer voortijdig te verkopen, maar hij kon het toch niet helpen dat zijn gedachten afdwaalden naar de vele stimulerende ontmoetingen die hem als de eerste president van Europa ongetwijfeld wachtten. Hij nam zich voor Angela Merkel te feliciteren met haar Maagdenburgse bollen. Hij zou Barack Obama bij gelegenheid vragen of dat wel makkelijk behangen is, zo’n Ovalen Kamer, en hoe je dan een schilderijtje moest ophangen. Hij zag zich al onder kristallen kroonluchters walsen met Carla Bruni, die niet zou nalaten hem te verklappen dat ze altijd op atletische, grijze mannen van zijn type viel. Hij zou haar een zwoele haiku in het oor fluisteren. Even speelde er op het gelaat van The Dude een weke glimlach. Die ruimde echter vlug weer plaats voor een ietwat zorgelijke grimas: ‘Toch maar beter bruine sokken?’
The Dude wist: wat het ook werd met die Europese baan, hij had er nu al geweldig veel lol aan beleefd. In zijn omgeving had hij de koortsachtige onrust opgemerkt die anticipeerde op de vacature die hij mogelijk zou achterlaten. Geamuseerd had hij Waalse kranten gelezen, waarin regelrechte afkeer en onverholen paniek om de voorrang streden als het over de terugkeer van Yves Leterme naar de Wetstraat 16 ging. Alleen de aanstelling van Attila de Hun tot eerste minister zou een grotere catastrofe voor het land betekenen, luidde het.
Hij was Marianne Thyssen een paar keer tegen het lijf gelopen en elke keer leek de duts weer een kilootje afgevallen. Nooit voordien had The Dude het meegemaakt dat Steven Vanackere vriendschappelijk een arm om zijn schouders sloeg, en hij kon zich vergissen, maar gisteren leek het even alsof Inge Vervotte smachtend naar hem lonkte. Zelfs die smiecht Didier Reynders veinsde opeens warme collegialiteit en opofferingsgezindheid.
Het allergrappigste vond The Dude nog dat hij tot een paar dagen geleden als premier omzeggens waardeloos heette, maar dat nu zelfs de oppositie de consensus aankleefde dat het land zonder hem geheid naar de filistijnen ging. Met het uur werd The Dude intelligenter, beminnelijker, knapper en onmisbaarder. Opeens was hij de redder van het vaderland, een godsgeschenk, en hij hoefde er geeneens iets voor te doen. Wat zou hij eigenlijk naar Europa moeten? Hij had het nu al zo geweldig naar zijn zin.
The Dude stond nog altijd voor zijn badkamerspiegel maar intussen droeg hij aan zijn ene voet een grijze sok, aan zijn andere een bruine. Zijn capaciteit om compromissen te sluiten vond hij namelijk ook zelf een van zijn sterkste eigenschappen. Omdat hij vandaag in een uitzonderlijk frivole stemming verkeerde, had hij uit de linnenkast ook een slip met tijgermotief opgediept die hij ooit eens met de tombola had gewonnen op het bal van de burgemeester.
‘You sexy motherfucker, you’, zei hij tegen de spiegel. Hij grijnsde zijn tandjes bloot en klauwde met zijn handje. ‘Grrrroawl.’
Superdude.
Jo Van Damme (De Standaard, 07/11/09)
Federaal Minister van Pensioenen
3 november, 2009
Marie Arena is nog altijd minister van Pensioenen

De Tijd meldde midden juli dat Marie Arena als minister van Pensioenen vervangen werd door de Luikse feestneus Michel Daerden. We dwaalden. In werkelijkheid is Arena nog altijd minister. Zo staat het toch op de officiële web-site van de Nationale Pensioenconferentie.
Als we even uw geheugen mogen opfrissen. Die Pensioenconferentie werd een jaar geleden met veel bombarie in het leven geroepen door de federale regering . Ze kreeg tot eind dit jaar de tijd voor ‘een brede en omvattende reflectie over de toekomst van onze pensioenen, de financiering ervan en de solidariteit die daarbij te pas moet komen tussen de huidige en toekomstige generaties’, zoals premier Herman Van Rompuy (CD&V) het formuleerde in zijn openingsspeech.
Een speciaal daarvoor in het leven geroepen website moest de bevolking op de hoogte brengen van de al geboekte resultaten. Wie die website nu bezoekt, wordt minstens een half jaar terug in de tijd gekatapulteerd. Marie Arena spreekt nog altijd als bevoegde minister het welkomstwoord uit. De laatste nota over de stand van de werkzaamheden dateert van 30 april. Een overzicht van de al genomen maatregelen bevat enkel verhogingen van een aantal minimumuitkeringen.
Bovendien is dat document al even belegen. Zo wordt er met geen woord in gerept over de beslissingen die de regering tijdens het jongste begrotingsconclaaf nam voor de verhoging van de pensioenen van de zelfstandigen. Enig onderzoek leert dat de website voor het laatst aangepast is op 11 juni.
Wie elders naar informatie gaat zoeken over de Pensioenconferentie, komt van een al even kale reis thuis. De nieuwe minister, Michel Daerden, blijkt ondanks zijn populariteit als internetfenomeen zijn eigen website opgedoekt te hebben. Op de sites van officiële instellingen zoals de Rijksdienst voor Pensioenen vindt men weinig meer dan een doorverwijzing naar de site van de conferentie.
De comateuze toestand van die website staat volgens ingewijden model voor de impasse waarin de conferentie zelf is beland. Wie daarnaar informeert, wordt vooral met geschokschouder geconfronteerd. Niemand verwacht nog dat de achter gesloten deuren doorgaande hoogmis meer zal opleveren dan een tekst met wat vage en vrijblijvende aanbevelingen.
Buurlanden
Ondertussen nemen zowat alle buurlanden wel initiatieven om hun pensioenstelsels meer resistent te maken tegen de gevolgen van de vergrijzing. Het meest recente voorbeeld is Nederland, dat de pensioenleeftijd geleidelijk optrekt van 65 naar 67 jaar.
Maar de Belgische situatie is dan ook veel comfortabeler dan die van onze buren, althans volgens minister Daerden. Hij wees er onlangs nog op dat er zich tot 2015 ‘geen fundamenteel probleem’ stelt voor de financiering van onze pensioenen. 2015, in de Belgische politiek is dat de héél lange termijn.
Ivan Broeckmeyer (De Tijd 03/11/09)
Het belkrediet is op
27 oktober, 2009
Er is goed nieuws en er is slecht nieuws. Het goede nieuws is dat Open VLD-senator Patrik Vankrunkelsven uit de politiek stapt. Het slechte nieuws is dat hij dat niet meteen doet. De senator wil, jammer genoeg, nog enkele dossiers afwerken. Het zou zelfs kunnen dat hij alsnog tot 2011 aanblijft. Maar dan alleen in het belang van ‘t algemeen, uiteraard. Na zoveel zelfopoffering, waar krantencommentatoren nu al de tranen van in de ogen kregen, wacht de moedige senator een vorstelijke uitstapregeling: anderhalf jaar een volle parlementaire wedde. Wat betekent dat de dankbare natie zal betalen voor de voorbereidingen van deze politicus – die volgens Louis Tobback alleen zichzelf vertegenwoordigde – op zijn volgende marathon.
Na het uitdoven van de uitstapregeling mag de senator dan, op zijn 55e al, genieten van een vervroegd pensioen.
Na het uiteenspatten van de VU en het vluchtige Spirit, een links-liberaal glijmiddel om zowel bij SP.A als bij VLD aan boord te raken, ontdekte Vankrunkelsven plots bij zichzelf een liberale overtuiging. Maar ze had, naar eigen zeggen, ook groenig kunnen zijn.
De kiezer werd op den duur draaierig van al die pirouettes van Vankrunkelsven en andere ex-VU’ers, veelal politieke opportunisten die het parlement gebruikten voor de eigen carrièreplanning.
Wat senator Vankrunkelsven niet belette om in de maandagkranten en eerder in het zondagprogramma De Zevende Dag op de openbare omroep zonder enige gêne te betogen: ‘De politiek is in België niet goed bezig.’
‘Het parlement wordt door de regering steeds meer behandeld als quantité négligeable.’ Tien jaar parlement had Vankrunkelsven nodig om tot deze vaststelling te komen.
Yves Desmet sprak in De Morgen de hoop uit dat het vertrek van Vankrunkelsven een signaal zou zijn. ‘Alle politieke partijen klagen steen en been dat ze geen talentvolle jongeren meer kunnen aantrekken voor een politieke loopbaan’, schreef Desmet. ‘Ze zouden ermee kunnen beginnen de job wat meer inhoud en verantwoordelijkheid te geven.’
Dat laatste is een opmerkelijke suggestie. Want het zijn niet de partijen maar wel de parlementsleden zelf die hun mandaat de nodige invulling geven. En dat laatste hebben Vankrunkelsven en zijn generatiegenoten nooit echt gedaan. Nochtans heeft het ze het voorbije decennium niet aan kansen ontbroken om zich tegen de almacht van de regering te verzetten.
Als Vankrunkelsven al een parlementair spoor zou hebben getrokken, dan is dat intussen door zijn veelvuldige windmakerij volkomen uitgewist.
Televisiekijkers zagen hem op geregelde tijdstippen, ten behoeve van de camera’s, over de afsluiting van de luchtmachtbasis van Kleine-Brogel klauteren, bij wijze van protest tegen de aldaar onder het stof gelegen nucleaire bomladingen. Wat Vankrunkelsven, begaan met ’s lands veiligheid, niet belette minister van Defensie Pieter De Crem op de vingers te tikken omdat die had toegegeven dat er inderdaad van dat kernspul opgestapeld lag op de basis.
Er mocht in de medische literatuur ook nooit een kwaaltje worden gesignaleerd of de senator bleek een wetsvoorstel onder de hand te hebben om zijn medeburgers een en ander te verbieden. Gelukkig gingen zijn wetsvoorstellen zelden langer mee dan een soundbyte op tv.
Als Vankrunkelsven zich al in ethische dossiers mengde, dan ging dat vaak niet verder dan het plaatsen van zijn signatuur onder een tekst die anderen hadden geschreven.
En kijk, na al die jaren en nadat de opeenvolgende regeringen die door zijn partij werden gesteund het monopolie van Electrabel hebben bestendigd, ontdekte Vankrunkelsven ineens dat Suez ‘een staat in de staat’ is.
Zou het ooit bij de senator zijn gedaagd dat uitgerekend hij en zijn kontdraaiende generatiegenoten en grote verantwoordelijkheid dragen voor de aftakeling van het parlementarisme?
Het vroegtijdige vertrek van Vankrunkelsven heeft dan ook niets te maken met zijn politieke ontgoocheling, maar alles met het besef dat hij na zijn klinkende nederlaag in de voorbije gemeenteraadsverkiezingen door de Open VLD was afgeschreven voor de komende federale verkiezingen.
De beloften van Guy Verhofstadt aan politieke overlopers golden nooit langer dan twee regeerperiodes. Vankrunkelsven heeft zijn belkrediet volledig opgebruikt.
Tegen beter weten in hebben de media hem de minst pijnlijke aftocht geboden.
Rik Van Cauwelaert (Knack, 28/10/09)
Slap-stick
20 oktober, 2009
BHV is niet meer grappig
CHARLIE CHAPLIN KOMT UIT EUPEN — De uitblijvende splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde is niet meer grappig, dat geeft zelfs Philippe Moureau (PS) nu toe. PETER DE ROOVER vraagt zich af waarom de Belgische politici er dan telkend weer zo’n slapstick van maken.
Hoe je ook denkt over het probleem Brussel-Halle-Vilvoorde, beweren dat de amusementswaarde van dit dossier hoog ligt, gaat te ver. Volgens vele commentatoren ligt er zelfs geen hond van wakker (en al zeker ‘de mensen’ niet). Vreemd genoeg stelt het post-electoraal onderzoek van TNS Media/Dimarso vast dat 15procent van de Vlaamse kiezers de (niet-) splitsing van BHV doorslaggevend vond bij het bepalen van hun stem in juni 2009. Een verrassend groot deel van ‘dé mensen’ ligt er dus wel van wakker. Maar amusant? Niet echt.
Heel anders zit dat voor de besluitvorming. Wat een geluk voor liefhebbers van absurde humor dat België bestaat. In die categorie vinden we wellicht weinig voorstanders van het opsplitsen van België, want het verdwijnen van deze staat berooft hen van een voortdurende bron van inspiratie en vertier.
Waar in andere landen besluitvormingsprocedures kurkdroog en gortsaai plegen te zijn, bieden ze bij ons een vrijwel uitgeschreven scenario voor een onvervalste slapstick. Kernelement van het genre: de bananenschil. In de BHV-saga spelen de bananenschillen de hoofdrol.
Wellicht kunnen alleen archeologen nog opsporen wanneer de eerste Vlaamse acties tegen de tweetalige kieskring BHV plaatsvonden. CVP-kamerlid Corneel Verbaandert diende in elk geval al in 1961 het eerste splitsingsvoorstel in. Daarop volgde een periode van nu bijna 50 jaar politiek gebrek aan moed.
In 2002 voerde Verhofstadt provinciale kieskringen in, maar liet BHV intact. Op klacht van onder meer ene Herman Van Rompuy verklaarde het Grondwettelijk Hof de regeling op 26 mei 2003 ongrondwettelijk, want discriminerend. Slapstick dus: Verhofstadt bukt zich en de taart komt in het gezicht van wie ze gegooid heeft.
Het Vlaams regeerakkoord van 2003 eiste de onverwijlde splitsing van BHV. De federale regeringspartijen VLD en SP.A-Spirit beloofden de BHV-aardappel in de federale keuken te schillen. Verhofstadt bleek een slechte hobbykok en schoof met wat datummanipulatie het probleem naar de volgende regering. Slapstick dus: het doorgeven van de hete aardappel blijft een billenkletser.
Leterme geraakte er evenmin uit, dus keurde een Vlaamse meerderheid een splitsingsvoorstel goed in de Kamercommissie op 7 november 2007. Tijd om de bananenschillen boven te halen. De Franse Gemeenschap diende als eerste een belangenconflict in. Daarna volgden de Franstaligen uit het Brussels parlement, waarna het Waals parlement volgde (parlementsvoorzitter José Happart (PS) vroeg zich terecht af welk belang Wallonië kan inroepen voor een zaak in Vlaamse gemeenten rond Brussel). Dat laatste belangenconflict liep af op 14 oktober. Een model van Belgische rekenkunde. Een belangenconflict duurt wettelijk 120 dagen. Drie keer 120 komt neer op bijna een jaar. Een Belgisch jaar duurt van 7 november 2007 tot 14 oktober 2009.
De minister-president van de Duitstalige Gemeenschap, Karl-Heinz Lambertz, kondigde vorige week aan ook wel een bananenschil te willen smijten, omdat ‘de federale regering daar om heeft gevraagd’. Hij doet zelfs geen moeite om het Duitstalige belang in deze aan te tonen en lapt de grondwettelijke indeling van dit land feestelijk aan zijn laarzen door zijn bevoegdheid 150 kilometer te verruimen. Zijn gemeenschap is van noord naar zuid 82 kilometer groot!
Deze slapstick is niet van het Laurel&Hardy-genre, maar krijgt hier Chaplin-allures. Achter het smijt- en gooiwerk komt de diepmenselijke dramatiek van list en bedrog kijken. Blijkbaar vraagt de federale regering – mét CD&V – om een voorstel te blokkeren dat werd ingediend door onder meer CD&V. Marianne Thyssen wil het niet tot een stemming laten komen over haar eigen voorstel. Tussen november 2007 en oktober 2009 zit in de Belgische politieke logica een jaar, volgens Marianne Thyssen een eeuwigheid; lang genoeg in elk geval om geheugenverlies te veinzen. De Vlaamse CD&V-fractie vraagt Lambertz dan weer niet tussen te komen. Het genoemde Dimarso-onderzoek noemt gebrek aan standvastigheid de grote reden waarom kiezers CD&V ontvluchtten. Er zijn nog zekerheden in deze troebele tijden.
Want dan valt de regering, meldt Thyssen, die vergeet er bij te vertellen dat die alleen valt als de Franstalige partijen beslissen de meerderheid in de kamer niet te respecteren. De dreiging volstaat om de Vlaamse staart tussen de benen te duwen. In dit land wordt het normaal geacht dat de uitvoerende macht een beslissing van de wetgevende macht blokkeert. Onze versie van de scheiding der machten.
Gaan we meemaken dat de Duitstalige gemeenschap (75.000 inwoners) een Belgische meerderheid blokkeert die 6.000.000 inwoners vertegenwoordigt? Hoog tijd dat het Vlaams parlement een belangenconflict indient tegen de begroting van de Duitstalige Gemeenschap, die centen misbruikt om Vlaanderen tegen te werken.
Het woord slapstick komt van een slaghout dat veel geluid maakt, maar weinig pijn veroorzaakt. De Vlaamse kamermeerderheid in dit land is een echte slap-stick.
PETER DE ROOVER (Politiek secretaris van de Vlaamse Volksbeweging)
(DS 20-10-09)
Where it all started
11 oktober, 2009
Je l’ai fait dans un sens…pour aider!
14 september, 2009
…et jamais pour conspirer! En hij heeft het geld om te helpen pas aan de arbiter gegeven na de match! En daarom liet meneer Constant zich gedurende jaren afpersen door twee schavuiten van bedenkelijk allooi, omdat hij wist dat dit in de media allemaal verkeerd zou worden voorgesteld.
Lachen met mensen die van ons zijn heengegaan is niet proper maar ik kan mij toch niet van de indruk ontdoen dat meneer Constant op vlak van communicatie nog één en ander kon leren van het crapuul van Standard.
Iemand Luciano D’Onofrio al eens op tv gezien? Kreeg een jaar geleden in Cassatie in Frankrijk 2 jaar gevangenisstraf waarvan een half jaar effectief. Maar Luik ligt ver weg van Frankrijk natuurlijk, en gelukkig voor Luciano heeft Frankrijk de Belgische overheid nog niet om zijn uitlevering verzocht.
Of Reto Stiffler? De Zwitser Stiffler woont in Davos en is op papier al 9 jaar de echte voorzitter van Standard. Hij neemt bij Standard eigenlijk de zaken waar van de Franse Zwitser (of Zwitserse Fransman) Robert-Louis Dreyfuss, die eerder dit jaar is overleden. Dreyfuss zullen we dus wellicht niet meer op tv zien.
Tous des hommes très honnêtes. Net zoals de Roemeen Lazlo Bölöni. Laat daar geen twijfel over bestaan.
Presenting: the iPhone
13 september, 2009
this must be the COOLEST MOBILE PHONE EVER! :-)
DAT IS DUIDELIJK
12 september, 2009

JO VAN DAMME — Ik zou niet durven te beweren dat Kathleen Cools grinnikte, maar er lag wel een triomfantelijk trekje op haar gelaat. Aan het andere eind van de satellietverbinding stond ondertussen Vlaams Belang-voorzitter Bruno Valkeniers peentjes te zweten. Dat lag niet aan de warme nazomeravond. Hij moest zich in Terzake verantwoorden omdat de zogenaamde nazi-onthaalmoeder uit Hoboken en haar echtgenoot lid waren van zijn vereniging.
‘Valkeniers, dit zijn mensen uit uw partij, hé?’, begon Cools combattief.
‘Wel inderdaad ik heb deze voormiddag hun namen gehoord, maar ondertussen zij ze van onze ledenlijst geschrapt, er is bij ons geen plaats voor mensen die dergelijke denkbeelden verheerlijken.’
In een betere wereld zou het gesprek hiermee afgelopen zijn geweest, en Terzake vijf minuten korter. Maar dat plezier gunde Cools Vakeniers niet.
‘Kom kom. Het gaat hier om mensen die de vraagtekens zetten bij de holocaust, die uithalen naar de joden, die zichzelf een über-ras wanen. Hoe u ook afstand neemt, het is wel duidelijk, uw partij trekt dit soort mensen aan.’
Een volledige bekentenis van de voorzitter was op dit moment mooi geweest, maar zou de spankracht uit het gesprek hebben gehaald. ‘Integendeel’, zei Valkeniers misschien mede daarom. ‘Mijn partij zet dit soort mensen aan de deur.’
Kathleen deed alsof ze het niet gehoord had, wat gezien het palmares van technische mankementen op de VRT-nieuwsdienst ook niet geheel mag worden uitgesloten. ‘Ja, want het is duidelijk: in uw partij krijgen neonazi’s en fascisten een plaats.’
Om duistere redenen scheen de Vlaams Belanger te denken dat hij door Cools tegen te spreken het beeld van hem als een kwaadsappige schurkenhoofdman nog kon afzwakken. ‘Wij hebben 24.000 leden. Die kun je niet allemaal screenen. Lid worden van een partij is zeer gemakkelijk, het volstaat om…’
‘Ik zei toch dat het duidelijk is? Bedankt meneer Valkeniers.’
Soms is het voor een nieuwsredactie niet voldoende om melding te maken van een wantoestand. Sommige reportages zijn zo schokkend dat ze een follow-up verdienen. Zo nu en dan moet een journalist tot op het bot durven te gaan. Al is het maar om te tonen dat hij goed bezig is. Het nieuws dat er in Vlaanderen mensen met extreemrechtse sympathieën wonen, was al verbijsterend genoeg, dat sommigen van hen in contact komen met kinderen was tot begin deze week schier ondenkbaar. Geen wonder dat het land verbouwereerd was. Op het kabinet van minister Jo Vandeurzen werd meteen een crisisvergadering georganiseerd. Luidop werd de vraag gesteld of een verkapte nazi-kelder wel een geschikte omgeving was om kinderen op te vangen. Na ampele overweging luidde het antwoord ondubbelzinnig: niet echt.
Dus kwamen ze bij Terzake graag nog eens terug op hun scoop van de dag voordien, ook al voor de kijkers die het de eerste keer niet goed begrepen hadden. Er was weer een andere woordvoerder van Kind & Gezin in de studio uitgenodigd, wiens rol het was om nogmaals te illustreren wat een voor een oogkleppenclub dat wel is. Restjes van de reportage van de dag voordien werden uit de prullenbak opgevist en daaruit bleek dat de onthaalmoeder behalve een nazi-sympathisante ook een negationiste was, een onthulling die ook weer niet buitengewoon verbaasde. Mensen met een hoofddoek kwamen er ook niet in, liet de onthaalpersoon nog verstaan. (Met dat standpunt stond ze niet alleen, bleek later in het programma, maar toen ging het alweer over de Antwerpse athenea.) De Walen bleven verbazend buiten schot, maar we wisten al genoeg: dat mens was bepaald niet koosjer, als dat woord al bij haar thuis mocht worden uitgesproken. Als voorschot op haar straf bracht de VRT nog maar eens haar huis en straat in beeld, opdat iedereen voortaan wist waar die wolvin van de SS zich schuilhield.
Vreemd toch dat er een verborgen camera en valse voorwendsels aan te pas moesten komen om de wereld te waarschuwen voor wat nog net niet ‘het gruwelhuis in Hoboken’ werd genoemd. Zes jaar geleden al ontving Kind & gezin de eerste klacht, maar een inspecteur die ter plaatse kwam kon geen problemen vaststellen. Er waren toen ook nog geen duidelijke regels over racisme of nazisme in de kinderopvang. Als de kinderen nu nog paradeerden in ganzenpas, uit gamellen aten of het Horst Wessellied moesten zingen, dat had de inspecteur misschien een tikkeltje verontrust. Maar nu was er enkel wat fascistische decoratie, enkele wapens en een portret van nonkel Dolf aan de muur, en dat had de inspecteur niet eens opgemerkt. Hij/zij stond juist in een andere hoek van de kamer een schilderij van een wenend herdersjongetje te bewonderen.
Allemaal de schuld van Kind & Gezin? De buren zagen anders ook geen graten in die familie. Oké, ze waren lid geweest van het VMO, stemden voor het Vlaams Blok en scholden op de vreemdelingen, maar wie doet dat eens niet? Ook de meeste ouders die er hun kinderen deponeerden hadden geen klachten. Goed, er kwam wel eens wat gore racistische praat uit mevrouw, maar wie zou daar wel aanstoot aan nemen? Op die leeftijd verstaan kinderen dat trouwens toch nog niet. Dus dat telt niet mee. Bovendien, als je iedereen moet nawijzen die beweert dat het allemaal de schuld is van ‘die bruin mannen’ of vindt dat Hitler nog zo’n kwaaie nog niet was, dan kan je wel een cordon sanitaire rond heel Hoboken leggen. Maak daar Antwerpen van. Of Vlaanderen, laten we eerlijk zijn.
Zonder iets af te dingen op de onverschrokken Terzake-reporter kon worden ingebracht dat de reportage over de nazi-nanny van Hoboken vooral een van de ratten besnuffeld menselijk specimen in beeld bracht. Je kan van Terzake anderzijds niet verwachten dat het zich bij elke ordinaire racist/fascist in Vlaanderen gaat binnenlullen. Men kan wel bezig blijven. Journalistiek werd alvast dit plaatje mooi afgerond. Het kwade werd geïsoleerd (‘in dit huis in Hoboken’), geanalyseerd en zo goed als geëlimineerd. Dat wil zeggen: Valkeniers werd door Kathleen Cools eens flink de levieten gelezen (wat altijd oplucht) en vervolgens verzocht de stelling te onderschrijven dat de foute mensen onder ons zich zoniet uitsluitend, dan wel voornamelijk in zijn partij ophouden. ‘Dat is wel duidelijk.’ Overzichtelijk en in zekere zin geruststellend ook. Misschien volstaat het inderdaad om de VB-ledenlijst eens op te vragen om Vlaanderen van racisme en onverdraagzaamheid te verlossen. Gewoon de halvegaren met een vierkant snorretje aanstippen.
(DS 12/09/09)
Anti-cyclic advertising
12 september, 2009
